Eilanden met karakter

Posted on jan 21, 2018 in De Eilanden, Mijn blogs
Eilanden met karakter

De Westelijke Eilanden, bestaande uit Prinsen-, Bickers- en Realeneiland, vormen een wereld op zich. Op het eerste oog verstild en rustiek, maar met een illustere geschiedenis. Een geschiedenis van harde werkers, industrie, woningnood, armoede, rijkdom, krakers en kunstenaars, saamhorigheid en strijd met de gemeente.

Ooit waren de Westelijke Eilanden opgezet om bedrijvigheid kwijt te kunnen die de stedelingen niet in het centrum wensten. Op De Eilanden waren palingrokerijen, teer- en houthandel en scheepswerven te vinden. Bovenal stonden ze vol pakhuizen: van de negenhonderd pakhuizen in Amsterdam stonden er meer dan honderd op Prinseneiland. Hoewel er mensen woonden en leefden, was het dus bepaald geen woonwijk. Tot het eind van de negentiende eeuw stonden de Westelijke Eilanden in het teken van industrie.

In de twintigste eeuw raakte de buurt in verval.  De industrie verdween, maar de bedrijfsbestemming bleef. Het werd rommelig, grauw en groezelig. In 1939 was het aantal woningen op Bickerseiland al gedaald tot 250. In 1968 kregen de Eilanden, met uitzondering van de Zandhoek, opnieuw een werkbestemming.

Keerpunt 
In 1972, het keerpunt in de buurtgeschiedenis, was het aantal woningen op Bickerseiland gedaald tot 120. Na de Tweede Wereldoorlog had de gemeente Amsterdam grootse plannen voor de vervallen binnenstad. Oude woningen moesten worden gesloopt, werk en vervoer kregen voorrang boven wonen. Tegelijkertijd keerden buurtbewoners zich tegen deze plannen, en begonnen zich te organiseren in actiecomite’s, vaak ondersteund door krakers.
Ook op de Westelijke Eilanden was dit het geval: begin jaren zeventig kwamen de bewoners van het Bickerseiland in Amsterdam in opstand tegen het verval van hun woonhuizen en de vervanging hiervan door kantoren en bedrijfsgebouwen. Met resultaat: de gemeente paste het bestemmingsplan aan. De Eilanden kregen een woonbestemming.

Leave a Reply